Opgericht in 1501, heeft de Heredad de Aguas de Las Palmas (Watererfgoed van Las Palmas) 323 geregistreerde erfgenamen. Men beheert een inkomstenbron van ruim 250 literwater per seconde (in de winter), en heeft een reservoir voor een waterhuishouding van 9.000 uur. Hier is enige uitleg nodig.
![]() |
De geschiedenis en de functie van de Heredad de Aguas van Telde en die van de “Heredad de Aguas” van Arucas en Firgas staat o.a. beschreven in bovenstaande boekwerken.
|
De naam van het erfgoed vindt zijn oorsprong in de zestiende eeuw, en met deze naam duidde men destijds een sociëteit aan, die men tegenwoordig simpelweg onderneming of bedrijf noemt. Daarom gaat het in dit geval niet om erfgenamen die afstammen van één familie, maar om socios (leden - aandeelhouders).
We leven nu in een tijd van ontziltingsinstallaties en verlaten akkers, door oprukkende verstedelijking. Maar toch blijft de waterinname van de Heredad de Las Palmas, Dragonal, Bucio y Briviesca, zoals de complete naam van deze instelling luidt, een goudmijn. Een goudmijn die ligt in de kom van de bergtoppen ter hoogte van Vegueta en die tot aan zee reikt en waarvan veel landbouwers afhankelijk zijn. In feite levert de Heredad water aan 30% van het akkerland, dat zich, in de gemeenten Tejeda, San Mateo, Santa Brígida en Las Palmas de Gran Canaria, in deze kom uitstrekt.
Heredad de Las Palmas, Dragonal, Bucio y Briviesca:
De Heredad de Las Palmas, is een van de destijds belangrijkste ‘watererfgenamen’ die nog steeds op het eiland voortbestaan, deze verkrijgt zijn water uit talrijke bronnen (een ervan heeft een diepte van 300 meter), uit watergalerijen en uit twee stuwmeren (die van Antona en Siberio). Maar het kroonjuweel is zijn tunnel, die van La Mina in Tejeda, die de hoofdbron vormt voor de waterinkomsten van de Heredad. In feite lag deze tunnel ten grondslag aan de geboorte van deze instelling. De bouw van de tunnel was een concessie, die in 1501 verleend werd door de Reyes Católicos (Katholieke Koningen = Ferdinand en Isabella van Castillië) om het hoofd te bieden aan de aanhoudende droogte waaraan de Real de Las Palmas (Koninklijke legerplaats) leed. Met een begroting van 250.000 maravedíes (antieke, koperen Spaanse munt) en met behulp van privaat kapitaal, om de hoge begroting rond te krijgen, begon men met de aanleg van de tunnel die 10 jaar bouwarbeid vergde.
Zelfs nu nog vraagt Agustín Melián, de voorzitter van de Heredad, zich af, hoe men zo nauwkeurig kon Werken. En hoe men het voor elkaar heeft gekregen, om beide delen van de tunnel, die men ieder aan een zijde van het gebergte begon te graven, precies op elkaar aan te laten sluiten. En dit alles zonder GPS.
‘Bovendien, hoe konden die twee tunneldelen, met de kennis die men had in de zestiende eeuw, op elkaar aansluiten terwijl er drie bochten in moesten worden aangelegd? Dat is iets wat ik niet begrijp,’ verzekert Melián.
Onder de herederos (leden - aandeelhouders) van deze maatschappij, diegenen die het water verdelen, bevinden zich vele personages uit de Castilliaanse verovering, maar ook geestelijken en overheidsdienaren van toen en nu. ‘Er bevindt zich nog steeds een nonnenklooster onder de herederos‘, legt de voorzitter uit. De Eilandregering beheert een groot gedeelte van dit water, waardoor het de grootste heredero is geworden van deze kom. Volgens Melián, gebruikt de Eilandregering dit water om er de Jardín Canaria en andere openbare groenvoorzieningen mee te bevloeien.
De Heredad de Las Palmas heeft weten te overleven dankzij de ondernemingslust van zijn herederos, die regelmatig vergaderen, net zoals men dit in iedere onderneming doet, terwijl anderen, zoals die van Tafira, al twintig jaar geleden verdwenen zijn, door het gebrek aan rechthebbenden op bevloeiingswater
Ondanks alles, erkent Melián, dat het, in een verre toekomst, de Cabildo (Eilandregering) zal zijn die zich, als hoofdaandeelhouder en als Overheidsinstelling, zal belasten met de Heredad (Water-erfenis). Maar er is meer, Melián is van mening, dat de Eilandregering een Agglomeratie van Heredades voor heel het eiland op zou moeten richten, om minigezelschapjes te vermijden. Deze laatstgenoemden hebben percelen die geheel opgedeeld zijn door familie-erfenissen, waardoor men veel water verliest.’
De coördinerende instantie voor de verdeling van water:
De Heredades de Aguas, o.a. ook Heredad de Aguas van Telde, Arucas en Firgas, zijn te vergelijken met coördinerende instanties voor de verdeling van water. Deze Heredades werden in de 15de eeuw in het leven geroepen, nadat de verovering van Gran Canaria in 1480 voltooid was. Nadien, was het veroveraar Pedro de Vera, die op bevel van het Katholieke Koningspaar, de verdeling van de landerijen en water moest invoeren.
Op 4 december 1531 werden de eerste beschikkingen openbaar gemaakt, om de bevloeiing en het beheer van water te reglementeren. Die beschikkingen bleven geldig tot aan de renovatie van de Spaanse wetgeving in het midden van de 19de eeuw.
Na de bekendmaking van de wetgeving voor water in 1856 kozen de coördinerende waterinstanties hun eigen organen, hun bestuursraad en de uitvoerende macht ging naar de voorzitter van de nieuwe leidinggevende kantoren over. Dit gebeurde in 1878.
Wat de coördinerende instanties van Arucas en Firgas betreft, was Bruno González Castellano de eerste voorzitter. De verdeling van het beschikbare water werd met behulp van een zogenoemde andulamiento van - normaal gesproken - 30 dagen opgedeeld (voor Arucas waren dit 31 dagen). Iedere coördinerende instantie had op een bepaalde dag recht op bevloeiing zodra het zijn dula (beurt) was.)
![]() |
|
Cantonera.
|
DE VERDELING VIA CANTONERAS:
Het water stroomt va de bron naar de verdeelbakken, de zogenoemde cantoneras. Deze hebben net zoveel waterkranen als sectoren, waarin het water dagelijks word opgedeeld. De cantonera van de coördinerende instanties van Arucas en Firgas heeft 24 sectoren, die allemaal gelijk zijn. Het uur is het regulerende element voor de bevloeiing. De watereenheden worden als volgt aangeduid:
- una suerte = 24 uur
- una azada = 24 of 12 uur (al naar gelang de coördinerende instantie)
- un día = 12 uur
- un cuarto y alberconada = 3 uur
- una gruesa = 1 uur
De azada van 12 uur kan in vergelijking met een kubieke meter verschillend uitvallen, maar er wordt toch 10 liter per seconde gerekend, waardoor men uitkomt op totaal 432 m³ water.
Naast het suikerriet importeerden de bewoners van de Canarische Eilanden ook hun bevloeiingssystemen in Amerika. Dit komt door het feit, dat de stad San Antonio (Texas) door Canarische eilandbewoners uit Gran Canaria, Tenerife, La Palma en vooral uit Lanzarote bewoond werd. Dit wordt bewezen, omdat elementen, zoals de zogenoemde dula, die typisch zijn voor de Canarische Eilanden in de stadsarchieven teruggevonden zijn en het overtuigende bewijs vormen voor de betekenis van het bevloeiingssysteem op de Canarische Eilanden.
De zetel van de Heredad de Aguas in Arucas (Gran Canaria).
|
Het gebouw van de Heredad de Aguas in Arucas:
Tegenover het stadspark van Arucas, in de Calle de Heredad, bevindt zich de zetel van de Heredad (coördinerende instantie) van Arucas en Firgas. Het is een reusachtig gebouw. Hier is de ‘Vereniging van Watereigenaren gevestigd, die met stenen waterkanalen, cantoneras en dammen heeft gezorgd voor de economische opbloei van het dorp Arucas.
De inrichting van dit fantastische bouwwerk met zijn protserige koepel en prachtige decoraties uit steen die afkomstig is uit Arucas werd in 1909 ontworpen naar plannen van de architect Fernando Navarro. De bouw was in 1912 klaar en een jaar later werd de klok ingebouwd, die sindsdien¡, samen met die van de San Juan-parochiekerk, het ritme van alledag aangeeft.











