Een openbare aanklager in Stuttgart (Duitsland) onderzoekt oplichterspraktijken met onroerend goed waarvan de harde ‘timesharing-kern gevestigd is op Gran Canaria. Bij de zaak zijn 40, in een vakantiecomplex in Zuid Gran Canaria, opgelichte Duitsers betrokken, aldus een publicatie in het landelijk in Spanje uitkomende dagblad El País.
Volgens de Spaanse krant, “werkt de afzetter met minstens 15 verschillende identiteiten om zijn slachtoffers te bedriegen.” Bronnen binnen het onderzoek hebben telefonisch aan El País bevestigd, dat het gaat om betalingen van bijna € 700.000,=. De slachtoffers bezitten rechten op gedeeld eigendom van onroerend goed op appartementen in de urbanisatie. De oplichting van de Duitsers vindt plaats sinds 2006 en de openbare aanklager denkt, dat de feitelijke dader van de misdaad dezelfde oplichting herhaaldelijk heeft gepleegd in andere urbanisaties.
In de zaak die door de openbare aanklager bij de arrondissementsrechtbank in Stuttgart aanhangig is gemaakt, wordt de 37-jarige op Gran Canaria en in Madrid woonachtige Kroaat Iván Boris aangeduid als vermoedelijke dader. Zijn huidige verblijfplaats is onbekend. De Duitse Justitie heeft Spanje gevraagd de bankrekeningen van Boris bij een kantoor van Cajamar in Madrid te willen blokkeren en te confisqueren. Vermoedelijk heeft Boris al het geld dat hij zijn slachtoffers afhandig maakte, op deze bankrekening gestort.
“De oplichting, die Boris in twee jaar tijd zoveel rendement heeft opgeleverd,” zo gaat El País verder, “ is te vergelijken met de winstkans op ‘El Gordo’ (de hoofdprijs) van de Spaanse Staatsloterij. Het is een flessentrekkerij met basis in Madrid die betrekking heeft op duizenden burgers in diverse landen. Het gaat om het aanbieden van een onverwachte som geld aan iemand en deze persoon wordt om fondsen gevraagd waarmee men de inschrijving voor de tenaamstelling kan bekostigen. In het geval van de 40 opgelichte Duitsers, was het lokaas de aankoop van rechten op gedeeld eigendom die ze zouden krijgen op appartementen in de genoemde club.”
Volgens het onderzoek, “bood Boris hen aan, om zijn rechten op de appartementen te kopen. Hij beloofde een winstbedrag, dat veel hoger was dan in de markt gebruikelijk, waardoor iedereen ermee akkoord ging. Om de operatie geloofwaardig te maken, gebruikte hij vervalste notariële papieren. Boris zou voor de gehele registratieprocedure zorgen en de slachtoffers betaalden de kosten, door geld over te maken naar de bankrekening bij Cajamar.”
Als de slachtoffers dachten, dat, wat hij een juridisch conflict noemde, was opgelost, werden er andere hindernissen bedacht, waarvoor de oplossing hen opnieuw geld kostte. De slachtoffers spekten de rekening van Boris door geldbedragen vooruit te betalen voor het oplossen van valse hindernissen en vervolgens maakten ze nóg meer geld aan hem over, om veilig te stellen wat ze al hadden gestort. Er is sommige slachtoffers € 70.000,= afhandig gemaakt. De Duitse openbare aanklager is ervan overtuigd, dat Boris deze zwendel heeft herhaald in andere urbanisaties.

