Milieuorganisatie Turcón laat weten, dat scheuren de markante rotsstructuur bedreigen.

De 'biddende monnik', de 'kikker' en de wolkenrots in het centrum van Gran Canaria.
De ‘biddende monnik’, de ‘kikker’ en de wolkenrots in het centrum van Gran Canaria.





Door erosie is het symbolische gevaarte Roque del Fraile (Rots van de Monnik) zwaar aangetast. Het zal niet lang meer duren of een groot gedeelte van het rotsblok komt naar beneden en maakt dezelfde gang als de Dedo de Dios (Vinger van God). De milieubeschermers van Turcón geven de rots niet veel tijd meer.

Álvaro Monzón (1968), is een ervaren bergwandelaar en waagt het te voorspellen, dat zijn generatie de gedeeltelijke of complete val van deze rots gaat meemaken. De Fraile (Monnik) kan zich meten met de Nublo en de Bentaiga als een van de meest markante geologische verschijnselen van Gran Canaria.

Monzón verzekert, dat men met het blote oog de diepe scheuren kan zien die de structuur van deze monolithische rots in vieren delen. De monoliet is zo populair geworden, omdat zijn figuur zo prachtig afsteekt tegen de Canarische hemel en omdat deze overeenkomt met een biddende monnik. Het rotsblok staat Noordoostelijk van de Roque Nublo (Wolkenrots) en de Roque de la Rana (Kikkerrots).

Deze doorgewinterde milieubeschermer en natuurvorser herinnert zich, dat het nog niet zo heel veel jaren geleden is, dat de Canarische Regering een project in gedachte had, om de structuur van de rots veilig te stellen en het vallen ervan te voorkomen.

Hoe dan ook, Monzón is er voorstander van, om de natuur zijn gang te laten gaan. Hij laat weten, dat dit soort fenomenen niet nieuw zijn op Gran Canaria en brengt het ineenstorten van rotsen in herinnering die zich enkele jaren geleden hebben voorgedaan in de barranco van Taiguí in Tejeda, of van de Montaña Pernada in Veneguera.

Inwerking van salpeter veroorzaakte schade aan de Dedo de Dios

Álvaro Monzón verzekert, dat er studies zijn die melding maken van de mogelijkheid, dat de Dedo de Diosof Roque Partido in Agaete ingestort is door schade die in de rotsstructuur ontstaan is. En wel door inwerking van salpeterzuur uit de zee.

Hij haalt de rapporten aan die door deskundigen van het laboratorium voor Resistentie van Materialen van de Architectenschool zijn opgesteld. Volgens deze aantekeningen heeft een zo onbelangrijk element als zout een zodanig eroderende inwerking op het meest zwakke punt van de mythische rots gehad, dat deze daardoor afbrak en in zee viel.

Volgens Monzón was deze moeite tevergeefs, al lange tijd speelde het middelste, smalste gedeelte van de rots met de zwaartekracht, waardoor het op een vinger leek en wat de rots beroemd maakte.

Volgens deze veronderstelling waren de dagen van de rots geteld en vroeg of laat moest deze vallen. ‘Het was de natuur zelf die de val veroorzaakte’.

En daarom is Monzón geen voorstander van ‘plombeersels’ die de zaak in stand moeten houden.

Deel deze informatie:
  • Digg
  • Sphinn
  • del.icio.us
  • Facebook
  • Mixx
  • Google
  • E-mail this story to a friend!
  • Live
  • NuJIJ

Zoeken in andere artikelen met verwante onderwerpen:
, , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , .

Leave a Reply


30 keer gelezen, 1 keer vandaag

Download de laatste versies van de Hollandse Nieuwe:


--== dit artikel is uitgeprint vanaf www.hollandsenieuwe.com ==--
Grafische versie